Er was eens een lieve oma, in een wenskaart schreef ze me, alle goeds voor 2019 Sacha, en dat ze hoopte op wereldvrede.

Ik begrijp haar wel. De mens wil kunnen dromen. Haar goedheid valt te verklaren. Ik ben geen pacifist maar wie weet hoe ik naar de wereld kijk als ik zelf 80 + ben. Oma schrijft nog kaartjes met de hand, is een intelligent mens, maar nooit meer oorlog, ja nu we toch zo bezig zijn, Antroposofie als wereldreligie is dat een idee soms?

Wereld, laten we voor nu in een theater bij u in de buurt Nederland blijven, ik ben niet zo’n reiziger, ja in mijn hoofd daar reis ik wat af. Ik kijk graag tv dan reis je in feite ook en het sluit mooi aan bij mijn luie natuur…

Vrede?

En oorlog,
hoort bij de mens zit ons in de kop. Het kwaad bestaat en is hardnekkig vergis je niet. Neem die griezels van de Evangelische Omroep – een clubje waar ik graag mijn blaas op leeg – we laten ze hun gang gaan samen met hun nog griezeligere orthodoxe vriendjes; we laten toe dat ze hun stompzinnig gekraai mogen laten horen in het openbaar. Neem het voor kennis aan, maar niet bedekken of er de oogjes voor sluiten, blijf scherp, Tijs van den Brink slaapt nooit, zijn kop bewijst het, het kwaad slaapt nooit.

Oma’s vrede op aard wensen of gelijk de christen graag predikt over die andere wang toekeren is even naïef of mal als wensen dat bij varkens ooit vleugels aan groeien en een toename van 12% in gevoel voor humor bij de totale moslimbevolking realiteit wordt binnen de komende 100 jaar.

Nee met vrede alleen komen we er niet, veel zou tot stilstand komen. Als overal vrede zou heersen zou je heel de dag langs de kant van de weg kunnen gaan zitten onder een boom niks doen, geduldig wachten tot een klein flardje van die vrede jouw kant opwaait en een zachte landing op je hoofd maakt.

Er waait iets jou kant op…

Zit je voor dat je d’r erg in hebt het populaire hoempa-pa deuntje ‘Leef!’ mee te fluiten onder je boom en sta je toch even op, met frisse tegenzin om de polonaise te lopen.
Leef want wie weet is vandaag je allerlaatste dag. Leef de polonaise, leef met je piemeltje in de ene en een fles bier in de andere hand.

Leef,
want iedereen kan zingen in dit land en iedereen is een Rembrandt, taarten, friet en koekenbakkers de maat, het Talpa virus, amateurs leiden nieuwe amateurs op en leiden ze het dunner en smakelozer wordende Nederlandse artiesten wereldje binnen. Ik schrijf graag over muziek en artiesten omdat dat zaken zijn die me aan het hart gaan en omdat ik er de oren voor heb. Geen extra grote oren maar met een bovengemiddeld muzikaal gehoor. Ik ben ook hoog sensitief, ’t is maar dat u het weet. Gerard Reve citerend: ‘we naderen de grens van het ge-oudehoer.’

Als amateur moet je braaf zijn elke dag dansen en zorgen dat je wenkbrauwen er altijd geëpileerd bijhangen. Wordt jij misschien als je geluk hebt ook ‘s besnuffelt aan je kont door een BN’er in een van hun tv-shows, nadat je door een hoepeltje ben gesprongen of een mooi synchroon dansje hebt gedaan met je matties uit the hood. Je hysterische familie en ex-schoonfamilie krijsend als borderliners on steroïds in de coulisse. Zorrug dat je d’r bijkomt.

Ik denk dat er een verband is – omdat we in dit land al lang niet meer bekent zijn met werkelijk geweld of groot gevaar – met de eindeloze stroom van amateurs die een podium opkruipen en denken daar ook thuis te horen. Naast het entertainment podium beoog ik ook zeker de clowns die er op het politieke toneel rondspringen. Opmerkelijk en ook logisch gevolg is de toename van het aantal eisers, de steeds langer wordende rij van gedupeerden in deze fantastische moeras delta. Zou het uit verveling of gemak voortkomen, jezelf als gedupeerde gaan zien en betitelen.
Ik bezit geen enkel talent(in de eerste ronde eruit bij the Voice…balen)laat ik me dan maar als gedupeerde gaan ‘ontplooien’, wie weet waar het schip nog stranden kan. We hebben een verdomd lange kustlijn!

Nee… er is ook chaos nodig, angst, huilende wolven die grenzen breken, klagers kraken tussen het kruiend ijs, de Mol ja ik werk ook hard en leg elke dag een drol…fucking brilliant, stormen code rood, aardbevingen in Groningen dat doet de sappen stromen, de zwarte pest, als nakomelingen van Zeus ons te dwingen een weg te vinden, uit de chaos orde scheppen…it’s easy Ronnie rappen.

Ik wens dat alle zwervers in mijn binnenstad omgeschoold worden tot fietsenmaker, en dat alle hondenbezitters in die zelfde binnenstad de gore stront van hun ‘heilig’ dier achtergelaten op stoep, speelveldjes voor kinderen, winkelstraat, ja zo’n beetje overal eigenlijk in de publieke ruimte, vanaf vandaag vanaf nu en ten alle tijden netjes opruimen.

Degenen, de hardnekkige onder hen, die weigeren de smeerboel van hun hond achtergelaten toch op te ruimen neem ik apart en voer ze af mee naar mijn fietsenhok omgebouwd tot martelschuurtje. In groepjes van 3 zie ik zo voor me. Middels een babbeltruc of m.b.v. verdoving zal ik ze het schuurtje binnen lokken. De precieze modus operandi en details moeten nog verder uitgewerkt. Eenmaal binnen lijn ik ze daarna keurig aan de muur met hun eigen honden riem, voeten aan de ketting natuurlijk, voortijdig loskomen dat kunnen we niet hebben, prop of lap in de mond, en ja gereed en goed gekneveld geef ik ze een zo ongenadig pak slaag met een afgebroken bezemsteel net zolang tot het asociaal (hond aanbiddend) gespuis blaft en miauwt tegelijk van de pijn. Dat zal ze leren…paddaping paddapam paddapoem!

Geweld is voor een maker een aanjager even fors en krachtig als de Liefde. De grens tussen harteloosheid en humor is smal, de huid die slagaders bedekt flinterdun. Bij de geboorte van een kind komt een zekere mate van geweld kijken.

Het is een mooi iets te kunnen dromen.

PS Ik ben meer een kattenmens.